Nieuws

Overdreven kosten voor het energielabel

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
atr1

ATR gaat uit van schromelijk overdreven kosten voor het expertlabel

Het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR) heeft zich met een advies gebaseerd op foute aannames op een ondeskundige wijze gemengd in de discussie over het energielabel. Door diverse onjuistheden en het selectief gebruiken van onderdelen uit een EIB-onderzoek, schetst het ATR een beeld van de kosten voor het energielabel die schromelijk overdreven zijn. Dat stelt de FedEC, de branchevertegenwoordiging van de energieprestatieadviseurs.

“Van het ATR mag objectieve en feitelijk onjuiste informatie worden verwacht, maar dat is in zijn brief van 24 november aan minister Ollengren zeker niet gebeurd. Wij gaan ervan uit dat de vergissingen in de brief onbewust en zonder bijbedoelingen zijn gemaakt, en we vertrouwen erop dat het college een correctie zal sturen naar de minister”, zegt Hugo Breuers, FedEC bestuurslid en voorzitter Werkgroep Gebouwde Omgeving.

De pijn bij de FedEC zit hem vooral in de conclusie van het ATR dat het deskundige energielabel, dat vanaf 1 januari verplicht wordt, zou leiden tot een kostenstijging van 33 miljoen euro op jaarbasis. Maar in werkelijkheid zullen de totale kosten voor alle woningbezitters en verhuurders slechts een fractie van dat bedrag zijn. Het ATR maakt in de berekeningen vijf cruciale fouten.

Vijf cruciale fouten

De eerste is dat het ATR in haar berekeningen ervan uitgaat dat ook commerciële verhuurders overstappen van het vereenvoudigde, digitale energielabel (VEL) naar het deskundige energielabel.

In werkelijkheid maken commerciële verhuurders, evenals woningcorporaties, nu al grotendeels gebruik van de uitgebreidere energielabelmethodiek. Doordoor is het jaarlijkse aantal woningen dat het ATR in zijn brief hanteert foutief. Het juiste aantal dat van VEL naar het deskundige energielabel overstapt is veel lager, waardoor ook de genoemde kosten van 33 miljoen lager uitkomen.

Een tweede, foutieve aanname is de stelling dat verhuurders elke 10 jaar een nieuw energielabel moeten laten opstellen. Die aanname klopt niet.

De derde fout is de aanname dat de kosten per woning en per energielabel voor commerciële verhuurders gelijk zijn. Maar dat is niet het geval: het labelen van een flat met 100+ gelijkende woningen is veel voordeliger per woning en per energielabel dan het labelen één enkele individuele woning.

De vierde onjuistheid ontstaat doordat het ATR geen rekening houdt met het feit dat een groot deel van de woningen dat de komende jaren te koop komt, al voorzien is van energielabel.

Tot slot, het vijfde argument, is dat het onterecht is om de kosten van een nieuw digitaal energielabel, gebaseerd op kWh/m2/jaar, gelijk te trekken aan de kosten van het huidige digitale energielabel. Een nieuw digitaal energielabel gebaseerd op de verplichte NTA8800 zal aanzienlijk duurder zijn dan het huidige VEL. En daarmee is ook het verschil in kosten tussen een eventueel nieuw digitaal energielabel en het expertlabel – een energielabel door gecertificeerde energieadviseurs opgesteld – veel kleiner.

Al deze vijf punten maken de gecalculeerde 33 miljoen euro een schromelijk overdreven bedrag. De FedEC gaat ervan uit dat het ATR haar fouten erkent en deze in een nieuwe brief aan de minister van BZK zal corrigeren.

Gebeld worden voor meer informatie?

Of stel direct uw vraag door te mailen naar: info@energielabel-kopen.nl.